Mijn situatie accepteren, maar hoe dan?

Mijn situatie accepteren, maar hoe dan?

(Eerste blog gemist? klik dan op onderstaande link)

https://deherstelacademie.nl/2024/03/06/danielle/

Ik kan niet anders beginnen dan eerlijk te vertellen dat ik dit herstelproces op sommige momenten rete zwaar vind. Grappig dat ik een woordje gebruik dat ik in het echte leven niet zou gebruiken maar omdat het een nettere vervanging is, van wat mijn bovenkamer creëert om het ‘zwaar’ te bekrachtigen, gebruik ik het toch.

Vandaag wil ik wat schrijven over het thema accepteren. Een thema dat voor mij onlosmakelijk verbonden is met mijn herstelprocessen, maar als ik het breder trek dan zie ik inmiddels ook de logische taak om dit werkwoord de rest van mijn leven prioriteit te geven. Want zeg nou zelf, we hebben het nu eenmaal niet altijd voor het kiezen in dit leven.

Jullie moeten weten dat ik zelf echt geen zen boeddhistische skills heb of 24/7 in mindfulness door het leven ga. Door mijn ervaringen, therapieën en inmiddels heel wat boeken verder, dacht ik dat ik de definitie van accepteren redelijk onder de knie had. Ik kan haarfijn uitleggen wat het woord volgens de Dikke van Dale inhoudt, maar op dit moment in mijn leven vind ik het in praktijk brengen van dit woord bar moeilijk. Herkenbaar?

Wat mij aanspreekt in deze definitie is het woordje onvermijdelijk. Het is namelijk onvermijdelijk dat ik ga accepteren anders kom ik niet verder in dit herstelproces. Verder zegt de definitie volgens De Dikke van Dale mij minder. Ik heb meer aan de definitie volgens www.mindfulness.nl

“Het begrip “accepteren” verwijst naar het vermogen om de realiteit te omarmen zoals die is, zonder te proberen die te veranderen of te weerstaan. Het betekent het toestaan van emoties en situaties, zonder oordeel of weerstand. Accepteren houdt in dat je erkent wat er is, zelfs als het pijnlijk of moeilijk is. Het stelt je in staat om met compassie naar jezelf en anderen te kijken, en het opent de deur naar innerlijke vrede”

Natuurlijk is bovenstaande mooi verwoord, maar pas het maar eens in de praktijk toe. Dat is niet altijd een simpele opgave. Kon ik het maar omarmen dat ik nu weer in herstel zit, maar ik beland keer op keer eerst in de welbekende fase “worstelen met”.

Herstel kent namelijk vier fasen: overweldigd zijn door de gebeurtenis, worstelen met de gebeurtenis, leven met de gebeurtenis en leven voorbij de gebeurtenis.

Ik zou deze fase 2 het liefste overslaan, maar als herstel een videogame zou zijn, heeft de maker besloten dat je geen level verder komt tot je het accepteren onder de knie hebt. Ik ben er wel achter dat deze fase voor mij altijd de moeilijkste is.

Hoe dat bij mij dan in zijn werk gaat, daar zal ik jullie aan de hand van een afdwaling in mee nemen.  

Ken je het als mensen tegen je zeggen: “Je moet het gewoon accepteren”. Deze zin schiet bij mij altijd regelrecht mijn allergie in. Ik merk dan dat mij meteen een soort van ik wil je wegduwen-gevoel bekruipt. En in dat wegduwen zit dan wel een behoorlijke kracht. Het is geen wil je even opzijgaan- duwtje. Laat ik voor mezelf proberen te ontleden waarom deze zin mij niet zint. In ontleden was ik op school overigens bar slecht, maar als ik nu de spelling eens weglaat en ga kijken naar de lading achter deze zin, haal ik misschien wel een voldoende. Daar gaan we.

Ok, de eerste twee woorden Je moet, doen al iets met mij en mijn gedachtestem vult dit iets in met “Ik moet helemaal niets. “Weet je wat jij moet? Je mond dichthouden met je ongevraagde adviezen”. Misschien herkenbaar of juist ook niet? Kortom, er komt iets vrij defensiefs in mij naar boven.

Ik weet inmiddels dat er op het woordje moet best wel een negatieve lading ligt en niet alleen voor mij. In mijn opleiding bij het Brain Balance Instituut, bleek dat dit woord voor velen deze negatieve lading heeft. Hier leerden we vooral over de (her)programmering van ons brein. Ik ontdekte tijdens een oefening wat het woord moet bij mij opwekt. Namelijk iets van verplichting, geen keuze, door iemand anders opgelegd, met je rug tegen de muur, een je-hebt-niets-in-te-brengen gevoel.

Deze associaties zijn van mij, misschien heb jij hier hele andere of geen associaties mee. Ze komen ergens vandaan, ooit heeft mijn brein besloten om aan het woord moeten deze gevoelens en associaties toe te dichten. Hoe dit soort niet-helpende geprogrammeerde boodschappen ontstaan, daar ga ik een andere keer op in anders dwaal ik te veel af.

Mega interessante materie hoor, maar ik moet mezelf kaderen, dus dit onderwerp parkeren we voor een andere keer. Grappig, als ik we schrijf, voelt het toch een soort van alsof jullie het ook goed vinden.

Denkbeeldig zitten jullie nu dus ook driftig te knikken waarmee ik de toestemming krijg om ooit een keer los te gaan met een aflevering breinprogrammaties, herprogrammering en neuroplasticiteit.  Waarom ik aflevering schrijf, wordt jullie later duidelijk.

Terug naar de les, het ontleden van de zin ‘Je moet het gewoon accepteren’. Het gekke is dat ik het heilige moeten veel op mezelf toepas. Want als ik dan weer terugga naar die gedachtestem, dan zegt deze mij meerdere keren per dag dat ik iets moet. Waarom is dit zo? Waarom kan deze gedachtestem wel tegenspreken als iemand anders mij zegt dat ik iets moet, maar zegt hij paradoxaal genoeg met gemak een minuut later zelf dat ík iets moet. Ik vind het verwarrend maar hoop dat jullie het nog volgen.

Verder met ontleden. Aangekomen bij het woordje het, dan bekruipt me een brei van gevoelens. Want wat is het in deze context van accepteren dan eigenlijk precies? Is dat het feit dat ik sinds vier maanden niet meer zelfstandig naar buiten kan? Is het, verdriet dat ik voel als mensen mij vragen of ik al beter ben?

Of is het, de onmacht die me soms lijkt te verstikken omdat ik geen controle heb? Misschien is het wel de jaloezie die me soms als een golf overspoelt, op iedereen die ogenschijnlijk wél huppelend door het leven gaat. Of zou in het woordje het de harde werkelijkheid van de noodzaak van thuishulp en een voorlopige leenrolstoel schuilen? Het, een drie letterig, sukkelig lidwoordje waar toch zoveel gevoelens mee gepaard gaan.

Aangekomen bij gewoon, ook iets dat op dit moment totaal niet rijmt met mijn leven. Mijn leven is nu niet gewoon. Zoals ik voorheen gewoon even mijn hond uitliet. Gewoon met mijn dochter ergens ging lunchen. Gewoon in de auto stapte. Gewoon met vriendlief een wijntje deed op de bank in onze nieuw gekochte stacaravan. Gewoon mijn huishouden deed. Gewoon naar mijn werk reed. Gewoon even kookte voor mijn dochter en mij.

Al is dit laatste nooit mijn favoriet geweest. Ik ben daar heel eerlijk in. Ik kook omdat we moeten en ik een mond te voeden heb, maar ik val onder de categorie vrouwen die er geen plezier aan beleeft. Jammer voor mijn vriend. Soms zie ik mezelf als een kat in de zak exemplaar, want je zou door mijn Colombiaanse roots verwachten dat ik met gemak een gevulde maaltijd op tafel zet. En dat dan iedereen die spontaan aanwaait mag mee eten en als er dan niet genoeg is, ik in een handomdraai nog even wat erbij maak. Maar nee, dit is niet het geval, helaas. Sorry, maar mij niet bellen. Ik heb andere kwaliteiten, vertel ik mezelf dan hardop.

Terug naar gewoon. Nu ik dit schrijf, besef ik dat mijn leven eigenlijk al vijf jaar niet zo gewoon is. Het leven deelt me geen azen toe de laatste jaren. En sinds een maand of zeven is gewoon officieel niet meer van toepassing want ik zit dus weer in herstel. Deze keer van een fysiek herstelproces, wat door de heftigheid hiervan inmiddels ook weggezet kan worden onder de noemer mentaal herstel.

Tot slot vind ik dat als mensen het hebben over gewoon accepteren, zij hiermee impliceren dat het zo even gedaan is. Dat het als een knop is die je uit kan drukken. Dat het de indruk wekt dat je op een dag wakker wordt en van het een op andere moment KAN accepteren.

Het laatste woord in dit ontleedproces is dus accepteren, het thema waar ik in het begin van schreef dat dit onlosmakelijk verbonden is met herstel. Maar ook waarvan ik maar al te goed weet dat het rete (daar is hij weer) moeilijk is. Het is namelijk niet af te dwingen. Er bestaat zoals hierboven beschreven geen aan-of uitknop. Hoe hard ik soms ook wil, soms ben ik gewoon nog niet klaar om te accepteren. Simpelweg omdat het vechten tegen dat wat is, nog altijd comfortabeler voelt.

Klaar met ontleden en mijn conclusie is dat ik het als heel onprettig ervaar als mensen zeggen “je moet het gewoon accepteren”. Ik zou deze zin dus ook nooit aanraden als een naaste in herstel zit. Wel zou ik je aanraden om te beamen hoe moeilijk accepteren is. De mensen die dit bij mij deden, gaven me het gevoel dat ze enig idee hadden van welke innerlijke worsteling ik doorleefde. En ook, zoals mindfullnes.nl omschrijft, dat accepteren gepaard gaat met het toestaan van de emoties. De mensen om mij heen die mij aan de hand namen en samen met mij bijvoorbeeld het verdriet aankeken dat ik een rolstoel nodig heb. Dit waren de mensen die herstel bevorderend en dus helpend waren. Help mij aankijken wat mij soms zelf nog niet lukt. Ik hoor je nu denken: “Maar hoe neem ik iemand bij de hand om samen verdriet aan te kijken?”. Voor mij zag dat er zo uit: “Jeetje Daniëlle, wat zal dat pijnlijk voor je zijn”. Na zo’n zin voelde ik de emotie richting mijn traanbuizen gaan en als ik deze dan hard probeerde weg te slikken en begon over mensen die het veel zwaarder hebben dan ik, werd er gezegd: “Voel het maar even, zeg maar niets en laat het er maar zijn”. Na dit laatste ging de stuwdam open en kon ik dan eindelijk verdriet, teleurstelling, onmacht, angst etc. uit me laten stromen.

En jeetje wat lucht het op om de boel gewoon te laten stromen. Ik kan jullie vertellen, ik huil de ogen uit mijn hoofd deze maanden. Niet letterlijk natuurlijk, alhoewel, misschien zou dat helpend zijn want dan zou ik mezelf van buiten zien en misschien sneller compassie met mezelf kunnen voelen. Maar als ik er langer over nadenk, zou ik mezelf dus zien zonder ogen want die heb ik er net uitgehuild en dat zou ik toch niet zo’n fijn beeld vinden.

Dametje Weerstand van een heel andere orde, ze wil niet normaal op haar stoel zitten, haar ouders accepteerden het, dus bord op de grond en opgelost.
“Choose your battles”, hebben ze waarschijnlijk gedacht.
Was het nog maar zo simpel….:)
(foto privéarchief Daniëlle Schipper)

Gelukkig gaat het accepteren me steeds beter af. En natuurlijk ben ik echt nog wel eens boos op die regisseur, maar ik ervaar ook dat ik mezelf steeds beter leer kennen hierin. Want als ik nu chagrijnig tegen mijn vriend ben of een kort lontje naar mijn dochter heb, dan ga ik voelen. Wat voel ik nu eigenlijk? Wat is er gaande? Vaak kom ik dan achter gevoelens zoals hierboven beschreven, frustratie, onmacht en daardoor boosheid. En dit blijft in een soort van grammofoonplaat hangen als ik in de weerstand zit van wat is. Door het nu meer te doorvoelen en mezelf te gunnen dat ik soms een weerstand dag mag hebben, vol geklaag, gejank en soms mezelf even heel zielig vinden, lukt het me ook steeds sneller om weer op de etage van berusting te komen. Sterker nog, ik heb een nieuwe etage ontdekt, namelijk die van vertrouwen. Ik merk steeds meer als ik in vertrouwen blijf leven in plaats van in de angst, dat ik dan ook meer bij de acceptatie van wat het nu is, kom. En ik heel af en toe merk dat ik de situatie kan omarmen met alles wat het is.

Wat mij hier trouwens ook bij helpt is om te kijken naar de dingen die ik nog wél kan,  zoals deze blog schrijven, samen met mijn dochter een rustig spel spelen, een voice conversatie met mijn vriendin en lotgenoot over onze struggles, het eeuwig knuffelen met harig hoopje liefde Morky genaamd, tegen mijn vriend aankruipen en samen De Verraders kijken, lekker journallen, bloemen fotograferen mijn nieuwe hobby, op een goede dag mij uitleven met de swiffer (ja, ik hou van swifferen, word ik rustig van), een momentje op mijn balkon in de zon en mooie gesprekken met mijn ouders en vriendinnen als ze aan mijn bed zitten.

En niet te vergeten, knuffelen met dat kleine (leen)paardje dat onze levende grasmaaier is bij onze stacaravan. Deze laatste zorgt er ook voor dat ik even kan vergeten en opga in het hier en nu. Een paard heeft geen last van wel of niet accepteren, zijn leven ìs, punt.

Over beelden gesproken. Hier mijn struggle met accepteren in een metafoor met wat beeldspraak.

Ik zie mijn leven als een serie met mooie en minder mooie afleveringen, met blije maar ook verdrietige scènes. Met mensen die plots in mijn verhaallijn komen, maar ook mensen die spontaan uit de serie geschreven worden. Ook bevat mijn serie afleveringen met een duidelijk einde, al zijn het op het moment vooral open eindes. Van die eindes waarvan je niet weet of je nog verder wilt kijken want iets in je zegt: “Boring, ik kijk nu al twee afleveringen naar hetzelfde”. Maar iets maakt je ook weer nieuwsgierig naar hoe het nu verder zal gaan.

Soms ben ik het niet eens met de regisseur van deze serie en ik ga dan met hem om de tafel. Zonder dat ik het zeker weet, voelt deze regisseur trouwens als een hem. Niet dat dit er iets toe doet, maar toch.


Even wat rechtzetten, want als ik eerlijk ben ga ik helemaal niet meteen met hem om de tafel. Laat ik het realistische plaatje schetsen. Ik maak namelijk eerst behoorlijke bonje met hem. Want mijn latina temperament is er niet uitgewerkt met een jeugd vol aardappels, groente en vlees en naar Vlaggetjesdag om de nieuwe haring te proeven.

Dus ja, meestal word ik eerst geïrriteerd door de regisseur want ik ben het niet eens met zijn verhaallijn en dit gevoel loopt dan op omdat ik me niet uit. Lekker wegslikken die tranen. Ken je die mensen? Van die binnenvetters? Van die mensen die zeggen dat alles goed gaat, maar eigenlijk bedoelen dat ze overlopen van emotie? Of van die mensen die lachen terwijl ze van binnen huilen? Nou, daar heb ik ook een handje van. En omdat ik me niet op tijd uit, ontplof ik vervolgens op z’n Zuid-Amerikaans en vertel hem huilend van frustratie, onmacht en boosheid waarom hij per direct het script moet veranderen omdat ik hier niet mee kan werken.

Zo loopt mijn leven namelijk niet!!! Hoor je me! Ik wil dat je aan het eind van deze aflevering de kijker de plottwist geeft dat alles een droom blijkt te zijn. En zo niet, dan weiger ik deze draaidag en doe ik niet meer mee”.


Na mijn frustratie, onmacht en boosheid, volgt hij meestal irritant kalm. Ik haat het als mensen kalm blijven als ik boos ben. Ik wil vlammen, gepassioneerde ruzies waarbij je beiden elkaar even jouw waarheid vertelt. Maar nee, deze regisseur blijft kalm en laat me meestal uittieren om daarna te beamen dat ik het er niet mee eens mag zijn. Dit mag ik voelen en dit mag ik ook anders willen. En hij legt me dan uit dat ik, juist door al mijn gevoelens te doorleven en wel op tijd te uiten, eerder tot acceptatie kan komen. Acceptatie van de inhoud en verloop van de serie die mijn leven is en waar ik per slot van rekening zelf ooit voor getekend heb. Gek genoeg voel ik altijd weer een berusting na mijn ontploffingen, alsof ik in een lift stap en de volgende etage berusting is. Helaas stap ik ook nog wel eens uit op de etage ontploffing, maar ik vind steeds meer mijn weg hierin.

Want mijn latina temperament is er niet uitgewerkt met een jeugd vol aardappels, groente en vlees en naar Vlaggetjesdag om de nieuwe haring te proeven.

En gelukkig maar, want of deze serie nu steeds slechter wordt of niet, hij draait door. Dit doet me trouwens denken aan “As the world turns”, ook zo’n serie die maar door bleef gaan. Ik weet nog dat ik het als tiener samen met mijn moeder of tante Annie om 16.00 uur keek. Maar als ik dan bedenk hoeveel ellende daar in het script werd geschreven dan mag ik eigenlijk niet klagen over mijn laatste vijf jaar.

Mijn wekker gaat, tijd voor een pauze maar dit leg ik jullie later uit. Ook iets met een slechte verhaallijn in een aflevering die ik liever over zou slaan…. maar dus, tot zo.

Ben ik weer, terug van twee uur op bed, want helaas is dit de realiteit van deze aflevering. De scenes van rust zitten nu belachelijk veel in dit seizoen. Een half uur op het beeldscherm en dan weer naar mijn bed, mijn brein kan namelijk maar weinig prikkels hebben. Als ik wel doorga, word ik hard afgestraft met o.a. vreselijke hoofdpijnen. Ik vind het heel moeilijk te accepteren dat ik steeds moet pauzeren van iets dat ik zo leuk vind om te doen. Maar dan probeer ik dus af en toe heel hard te huilen om dit gemis van zonder na te denken, kunnen doen wat ik wil.

Om mijn metafoor af te ronden in het thema. Ik vond onderstaande afleveringen ook erg lastig om te accepteren.

Kortom, geen leuk seizoen en toch moeten we het ermee doen.

Zoals ik al schreef, kan ik op het moment zo weinig prikkels aan dat ik al snel uitgeput ben na een halfuurtje beeldscherm. Ook kan ik nu maar vijf minuten wandelen en moet ik daarna weer in de rolstoel. Bellen is vaak te belastend dus mijn contacten gaan voor een groot deel via voice audio’s, volgens mijn omgeving eerder podcasts te noemen.

Bovenstaande zijn een paar voorbeelden van situaties die ik soms nog moeilijk vind om te accepteren. Dingen die voorheen vanzelfsprekend waren en nu ineens niet meer kunnen met als bonus de onzekerheid of en wanneer dit weer gaat kunnen.

Na al deze afdwalingen en ontleden ben ik tot de conclusie gekomen dat mijn eigen definitie van accepteren mij het beste past. Want uiteindelijk is het mijn eigen pad dat ik moet bewandelen en niet volgens de definitie van een ander.

Dus hier mijn eigen definitie van Ac.cep.te.ren:

Een proces van aankijken, onvermijdelijk doorvoelen en dan steeds opnieuw de keuze maken om met zelfcompassie de balans te vinden tussen focussen op het positieve en omarmen van wat is.

Ik hoop dat jullie er wat aan hadden en tot weer een volgende afdwaling.

Liefs Daniëlle en haar regisseur


Even voorstellen

Even voorstellen

IN HERSTEL? VERTEL!

De belevenissen van een ervaringswerker in herstel.

Laat ik mezelf eerst even nader voorstellen. Ik ben Daniëlle Schipper, geboren in Colombia en getogen in Scheveningen. “Huh? Van het zonnige Latin America naar deze Hollandse badplaats, hoe dan? Nou het zit zo, ik ben als klein Colombiaans wezentje geadopteerd door twee Nederlandse ouders. Mijn figuurlijke landing was dus 43 jaar geleden ergens in Bogota om vervolgens letterlijk te landen op de luchthaven van Schiphol. Over deze landingen en aanverwante onderwerpen kan ik inmiddels een boek schrijven maar voor deze blog hou ik het even bij mezelf voorstellen.

Dat even is namelijk al een hele uitdaging voor me want mijn brein heeft moeite met het woordje even. Ik ben namelijk nogal lang van stof, iets dat mijn familie, collega’s, vriendinnen en ex-man luidkeels zullen beamen. Gelukkig is mijn huidige partner zelf ook lang van stof, dat scheelt. Maar even terug naar mezelf, ik stuur dus niet even een appje, nee dat is een heel epistel. En tijdens het proces waar ik nu in beland ben, wilde ik laatst even een filmpje sturen naar mijn innercircle maar één filmpje bleek als snel onmogelijk. Want door de hoeveelheid woorden die mijn bovenkamer creëerde tijdens de opnamen, besloot mijn innerlijke regisseur ter plekke er een serie van te maken. De kijker kreeg niet één maar vier afleveringen door zijn strot geduwd. Of in deze context beter gezegd, door het netvlies geduwd.

Ik ben nu eenmaal van de uitleg, het waarom achter mijn woorden. Vind ik fijn, zo ben ik gebakken. Een hulpverlener legde me ooit uit dat dit iets te maken heeft met controle behoefte. Een onderwerp waar ik jullie vanuit mijn Colombiaanse rugzakje genoeg over kan vertellen maar niet nu. Want nu was ik me dus even aan het voorstellen. Mijn brein heeft duidelijk geen moeite met de interpretatie van het werkwoord ‘afdwalen’. Nog één voorbeeld dan, het even gemengd met afdwalen zorgde er ook voor dat ik van een leidinggevende ooit terugkreeg dat mijn mails meer weg hadden van een roman dan van de gevraagde agendapunten.

Ondanks dat ik ontwikkel op dit gebied, zal ik nooit kort en bondig worden. Dit laatste is namelijk ook niet wat ik wil zijn want woorden zijn mijn passie en hoe fijn is het om ermee te spelen, om ze als dobbelstenen te husselen en er dan bijvoorbeeld poëzie van te laten ontstaan. Of om via woorden de ander te bereiken op een diepere laag. Het mooie aan woorden vind ik ook dat iedereen zijn eigen woordentaal heeft en misschien heb ik nu zelf een nieuw woord geïntroduceerd want geen idee of ‘woordentaal’ bestaat.

Maar wat ik er mee wil zeggen is dat iedereen wel voorkeurswoorden gebruikt of dat er juist op sommige woorden een lading kan liggen. De uitdaging in mijn werk is o.a. om aan te sluiten bij de taal van de ander. Over dat werk vertel ik je zo meer.

Even terug naar mijzelf voorstellen, ik ben dus Daniëlle, 43 jaar en woon in Scheveningen. Grappig hoe dit eigenlijk werkt met een voorstel ronde, dat men altijd begint met de naam, de leeftijd en waar je vandaan komt. Terwijl ik me dan vaak afvraag: “Doen deze drie kenmerken er eigenlijk toe want wat zegt het nu over de ander?”. Ik vertel jullie dus liever over de kenmerken die mij definiëren als persoon. Want mijn naam, leeftijd en afkomst is iets dat we allemaal gratis meekrijgen maar wat niets zegt over “wie we echt zijn”. Inmiddels weten jullie dat ik lang van stof ben en dat ik afdwaal, check. Maar wie ben ik verder?

Ik ben een alleenstaande moeder van een bijna 15-jarige dochter. Door haar komst, sloeg in een klap de essentie van mijn leven in, namelijk ‘liefhebben’. Nadat dit kleine wezentje mij 26 uur lang liet weten wat er met verdragen en veerkracht bedoeld werd. Was de eerste golf van liefde des te groter toen het mensen frommeltje op mijn borst werd gelegd. Het frommeltje is inmiddels een jonge dame aan het worden en fungeert nu zonder het zelf door te hebben als mijn spiegel in deze levensfase. Want ik zie de pubertijd van onze kinderen ergens als een verdieping in onszelf, niet altijd makkelijke maar zeker waardevol.

Over mijn werk, dit is het leukste werk van de wereld want ik mag doen wat ik leuk vind en wordt er ook nog voor betaald, goede deal vind ik. Ik werk dus sinds 2023 als ervaringsdeskundige voor de Herstel Academie IJsselmonde, een plek waar ik mensen mag helpen weer in hun kracht te gaan staan. Voor degene die nu denken “een ervaringsdeskundige, wat is dat?”, er valt op internet veel over te lezen maar in mijn visie is een ervaringsdeskundige of ervaringswerker iemand die zijn eigen ervaringskennis op een professionele manier kan inzetten ten dienste van anderen.

Nadat ik de 8 jaar hiervoor op diverse afdelingen als ervaringsdeskundige binnen de GGZ werkte, kwam ik via mijn collega Josse terecht op deze geweldige werkplek. Hiernaast gaf ik gastcolleges op Hogescholen en Universiteiten en verzorgde ik trainingen over herstel en ervaringsdeskundigheid voor de Parnassia Groep. Ik schrijf in de verleden tijd maar daar zo meer over.

Ik ben ook het baasje van Morky, een klein maar pittig hondje die 5 jaar geleden ook als frommeltje op mijn borst lag. Wat ik net schreef over die spiegel geldt ook voor dit harige hoopje liefde op vier poten. Hondenbezitters onder jullie, zullen ongetwijfeld herkennen hoe het beest ons aanvoelt. Vaak heel fijn, soms ook irritant en confronterend. Morky zijn favoriete woorden zijn ‘wandelen’, ‘bal’, ‘vrouwtje is zo terug’ en ‘lekkers’. En normaliter spreek ik die woorden dagelijks, met veel plezier, in chronologische volgorde uit.

Maar ‘normaal’ is helaas even niet van toepassing op mijn huidige leven. Want ik bevind me in een figuurlijke grote pauze. Deze pauze is natuurlijk niet vrijwillig maar de wijsheid van mijn lichaam besloot om Daniëlle even stil te zetten in het leven. Ik bevind me dus wederom in een herstelproces. Sommige mensen hebben het over een ziekteproces, ik omschrijf het zelf liever als een herstelproces. Nu is deze laatste mij dus niet geheel onbekend met dit beroep, ik heb namelijk al velen herstelprocessen doorlopen en telkens leerde ik weer nieuwe lessen. In elke proces nam ik die lessen weer mee in mijn werk om hier anderen mee te inspireren en te empoweren. Ook mijn huidige proces brengt weer nieuwe inzichten.

Tijdens dit herstelproces wil ik niet stil zitten en vooral doen wat ik leuk vind want naast alle dingen die ik tijdelijk niet meer kan, is er ook genoeg wat ik nog wel kan. En nu weet ik uit ervaring dat het erg herstel bevorderend is om nu juist te doen waar ik blij n word.

En ik word dus blij van schrijven en hoe leuk is het dan dat ik van mijn hobby nu iets voor mijn werk mag. En hierdoor zorgt de dopamine achtbaan in mijn brein dat ik die fijne ‘sparkle’ momenten beleef, zoals ze dat op de (niet zo) Sociale media zo hip noemen.

“Wat was jouw sparkle vandaag?”, “Nou ik mocht weer schrijven!! En jij?”.

Ik zie het me zo in een post op The Gram, zoals dat volgens mijn dochter heet, droppen

(ook een woordje van de jeugd).

Maar “uhhh nee”, Ik ben eigenlijk een beetje allergisch voor dit woord sparkle, maar dat zegt meer over mij dan over het woord. En laat ik het dan maar gewoon gekscherend gebruiken om aan jullie te illustreren wat mijn hobby met me doet. Het maakt me happy en ik voel de sparkle terwijl ik in de dopamine trein stap.

Even een afdwaling, je kent me inmiddels al heel wat zinnen verder dus ik vind dat het mag.

Het begon namelijk allemaal op mijn 6e, toen schreef ik mijn eerste dagboekje en vanaf mijn 10e schrijf ik geregeld. Op mijn 6e was het in de categorie:

“Lief dagboekje vandaag heb ik met de hont geknuvult en toen kwam oomaa eten en toen moest ik naar bet en toen gaf ik al mijn knuvuls een kus en toen vroeg mijn aapje Georgie om een ekstra kus en toen gaf ik hem die en toen vont ik het niet meer zielig en toen kwam maamaa me instoppen”.

Op mijn 10e ging het over Harry, waar ik heimelijk verliefd op was en waarvan ik zelf had besloten dat we verkering hadden. Dit overigens zonder dat Harry daar zelf iets over had te zeggen. Harry en ik waren een mooi passend stel in groep 6, te meer omdat 10-jarige Daniëlle besloot en Harry braaf volgde. Iets dat ik in mijn volwassen leven nog eens probeerde met een ouder exemplaar maar die relatie liep al snel op de klippen. Gek he? Zo werkt het dus niet, was wat ik leerde van die break up. Ik besloot daarna om minder te besluiten.

Vanaf mijn 12e gingen mijn dagboeken over persoonlijker zaken zoals gedachtegangen of innerlijke spagaten tussen verstand en gevoel. Ja, ik was een filosofisch kind en als ik het nu terug lees, was ik soms mijn leeftijd iets vooruit. Ik schreef over de zin van mijn bestaan en waarom mos zo zacht was. Dit laatste vroeg ik me regelmatig af als ik in het bos liep met onze zwarte labrador en ik minutenlang over het mos op de grote boom onderaan de heuvel aaide. Als ik thuis vertelde dat ik mos zo fascinerend vond, werd er meer dan eens geantwoord met “Je bent en blijft een bijzonder kind”.

De laatste jaren schrijf ik ook meer voor mijn werk en in mijn privé schrijven, deel ik mondjesmaat dingen met anderen. Een gedicht dat ik in donkere dagen schreef of een tekst uit het hart bij een condoleance kaart. Delen voelt heel kwetsbaar, net als deze blog maar toch merk ik dat ik er klaar voor ben om op dit vlak wat meer van mezelf te delen.

Ok, terug naar de afronding want we dwaalden (met toestemming) even af.

Ik wil jullie de komende tijd dus meenemen in mijn herstelproces waarbij ik universele thema’s zal behandelen die voor iedereen in herstel herkenbaar kunnen zijn. Voorbeelden hiervan zijn bv. hulpvragen, eenzaamheid, onmacht, onbegrip, vechten tegen, accepteren, verdriet, rouw, zingeving, kritische stemmen, positief blijven, verwachtingen e.d. Maar ik zal jullie ook meenemen in mijn gedachtegangen en onzekerheden zodat jullie een eerlijk en oprecht beeld krijgen van een ervaringsdeskundige die zelf weer in herstel zit. Want zoals het spreekwoord practice what you preach zegt, is dit in deze fase van mijn leven meer dan ooit aan de orde.

Tot de volgende afdwaling.

Liefs, Daniëlle